Als we in de ongelukkige omstandigheden zijn dat er één of meer koi sterven zonder dat we daar de directe oorzaak voor kunnen aanwijzen kan het nuttig zijn de vis(sen) eens nader te onderzoeken. 

Vaak kunnen biopten van weefsels opgestuurd worden voor viraal en/of bacteriologisch onderzoek. Echter zal dan wel contact moeten worden opgenomen met een dierenarts.

Klik op de afbeeldingen voor een vergroting

Voordat met de sectie wordt begonnen wordt de buitenzijde van de vis goed bekeken, bek, ogen, kieuwen, vinnen en huid controleren op afwijkingen.

In de bek bevinden zich geen tanden, echter achterin de mondholte heeft de karper een harde benige plaat en keeltanden om het voedsel te vermalen

Verwijder de kieuwplaat (Operculum) en knip met een fijne schaar de kieuwlamellen boven en onder los zodat deze bestudeerd kunnen worden.

Een preparaat van een kieuwlamel kan onder de microscoop bekeken worden op eventuele parasieten zoals kieuwwormen (Dactylogyrus)

Voor het openen van de lichaamsholte worden 3 incisies gemaakt. Dit gaat het makkelijkst met een scherpe fijne schaar. Zie het schema hiernaast voor de snij-volgorde.

De buikwand kan dan verwijderd worden zodat de inwendige organen kunnen worden bekeken. Voorkomende afwijkingen zijn bijvoorbeeld een grote hoeveelheid vocht of andere lichaamsvloeistof ten gevolge van ontstekingen of buikwaterzucht.

 

In normale gevallen zijn de organen mooi gesloten en hebben een gezonde kleur.  Zie afbeelding.

De zwemblaas is een lang zilverachtig orgaan wat ligt in de lengte van de buikholte . Bij koi is deze verdeeld in een voorste en een achterste kamer. In het midden dwars over de zwemblaas ligt de donkerkleurige nier. De nieren bestaan uit een kopnier en een rompnier. Direct eronder in de lengte liggen de geslachtsorganen, al dan niet ontwikkeld.

Koi hebben geen echte maag, de regelen de spijsvertering door een hogere pH dan vissen met en maag en door aanpassingen in enzymsystemen zodat protease en amylase werkzaam zijn in een groot bereik van de pH.

De lever (en daarmee vergroeide alvleeskliercellen) is een aanzienlijk groot orgaan dat tegen de buikholte aanligt. Meestal dieprood van kleur, echter vet en aandoeningen kunnen deze kleur aantasten.

Met het verwijderen van de ingewanden wordt de zwemblaas zichtbaar en kan de verbindingsbuis tussen de darm en de zwemblaas onderzocht worden. Zoek naar eventuele blokkades in de verbindingsbuis.

De ingewanden zijn doorgaans makkelijk te zien, echter bij grote koi kunnen vet en een vergrote lever/alvleesklier de darmen lastig te volgen maken. De milt is doorgaans verstopt tussen de ingewanden.

Na het verwijderen van de ingewanden kunnen de darmen worden bekeken.

Zoek naar eventuele abnormaliteiten zoals bloedingen of ontstekingen in het leverweefsel.

In het leverweefsel bevind zich ook de galblaas, welke gal bevat. Dit gal kan bij een vis die wat langer dood is vlekken geven in het omliggende weefsel. De galblaas kan bij vissen die lange tijd niet gegeten hebben zijn verschrompeld.

De milt is een plat driehoekig donkerrood orgaan. Het ligt vaak verstopt tussen wikkelingen van de ingewanden of vet. Als de milt gezwollen is dan een drukpreparaat maken van het weefsel.

Verwijder de geslachtsorganen en bekijk deze.  Bij nog niet volwassen vissen zijn deze organen klein en onderontwikkeld. Regelmatig worden tumoren aangetroffen.

Nog niet "rijpe" eitjes zijn doorgaans groenachtig of witachtig, waar volwassen eitjes geel zijn. Bruine, zwarte of degenererende eitjes wijzen doorgaans op versteend kuit.

Volgroeide testes bij mannetjeskoi zijn doorgaans stevig van structuur en wit van kleur.

Nu kan de zwemblaas worden onderzocht. Op en om de zwemblaas zijn veel bloedvaten te zien. Zoek naar afwijkingen of ontstekingsweefsel aan de zwemblaaswand of in de zwemblaas zelf.

 

De rompnier kan nu verwijderd en onderzocht worden. Dit orgaan is relatief snel beschadigd en daarom wordt meestal een biopt genomen van een stukje doorsnede van de rug. Bacteriologische infecties hebben vaak neiging dit orgaan aan te tasten. Het maken van een bacteriekweek kan derhalve veel verklaren.

Een deel van de kopnier kan nu ook worden onderzocht.

Kijk ook hier naar afgestorven weefsel, verdikkingen of bloedingen.

Het hart ligt direct achter de lever, ongeveer op de hoogte van de borstvinnen en wordt gescheiden gehouden van de buikholte door een dik membraan, het pericardium.

Bij onderzoek moet worden gelet op een vergrote hoeveelheid vocht rond het hart of eventuele bloedingen, afgestorven weefsel of verdikkingen.

Wanneer het hart groot genoeg is kan het hart worden geopend om de inwendige kamers en kleppen te kunnen bekijken.

Bron: Koi Medicine by Dr. Lance Jepson isbn1 85279 177 2